Extra ondersteuning

Als leerlingen in de loop van de schoolloopbaan een ondersteuningsvraag ontwikkelen die de basisondersteuning van de school overstijgt, worden ouders bij eerste signalering daarover geïnformeerd. Samen met de ouders bekijkt de school welke extra ondersteuning noodzakelijk is. De inbreng van ouders over de thuissituatie en de vraag hoe zij de ondersteuningsbehoefte van hun kind ervaren, is voor de school vanaf de eerste signalering van belang om tot een goede keuze van ondersteuning te komen. De school ziet ouders hierbij als een gelijkwaardige gesprekspartner. Ouders moeten er op kunnen vertrouwen dat de school in het belang van hun kind handelt en op basis van wederzijds gedeelde informatie tot een passend aanbod komt. Andersom mag de school van ouders verwachten dat zij school informeren over relevante gebeurtenissen in de thuissituatie.

Ontwikkelingsperspectief

Voor alle leerlingen die lichte ondersteuning nodig hebben moet een ontwikkelingsperspectief (OPP) worden opgesteld. Hierin wordt omschreven wat de verwachte uitstroombestemming van de leerling is en wat belemmerende en bevorderende factoren zijn. Het ontwikkelingsperspectief wordt opgesteld door de school zelf. Wel gebeurt dat in goed overleg met de ouders. Dat overleg heet 'op overeenstemming gericht overleg'. Het is de bedoeling dat ouders en school het over het ontwikkelingsperspectief met elkaar eens zijn. Indien nodig zal de school naast ouders ook behandelaars uit de jeugdhulp betrekken bij het bepalen van het ondersteuningsaanbod.